Je hebt net de nuts geflopped. Top set op een redelijk droog board. De pot bevat €45 en je tegenstander checkt naar jou. Hoeveel bet je? De meeste recreatieve spelers grijpen naar hun standaard sizing van halve pot en denken er niet verder over na. Maar die €22,50 laat mogelijk tientallen euro’s op tafel liggen die je had kunnen winnen met een andere aanpak.
Bet-sizing onderscheidt winnende spelers van verliezende spelers. Het bepaalt hoeveel je verdient met sterke handen en hoe winstgevend je bluffs zijn. Toch besteden de meeste pokerspelers er nauwelijks aandacht aan.
Wat telt als klein of groot
De definities verschuiven per street. Op de flop ligt een kleine bet tussen 25% en 33% van de pot. Een grote flop bet begint bij 66% en gaat omhoog. Op de turn en river verschuift dit volledig. Daar geldt 66% tot 75% als klein, terwijl 90% of meer als groot telt.
Dit klinkt misschien willekeurig, maar er zit logica achter. Naarmate de hand vordert, groeit de pot. Een kleinere percentage later in de hand vertegenwoordigt nog steeds een substantieel bedrag. Tegelijkertijd moet je sizing ervoor zorgen dat je op de river effectief all-in kunt gaan met je sterke handen.
Waarom dezelfde sizing op elk board niet werkt
De fout die beginnende spelers maken is simpel: ze kiezen één bet-grootte en gebruiken die overal. Op een droog board als K-7-2 rainbow werkt 33% pot prima. Maar diezelfde sizing op J-T-9 met twee harten geeft tegenstanders te goede implied odds op hun draws. Het board dicteert je sizing, niet je gewoonte.
Kijk naar hoe professionals dit aanpakken bij live cash games, in online MTT’s, en tijdens het pokeren op high stakes streams. Ze passen hun bet-grootte aan per situatie. Een natte textuur vraagt om 66% pot of meer. Een gepaired board met weinig draws? Dan volstaat een kleine probe. Je sizing moet logisch voortvloeien uit wat het board toelaat.
Geometric sizing uitgelegd
Solvers hebben een concept gevalideerd dat geometric bet sizing heet. Het principe is eenvoudig: je kiest één percentage dat je op elke resterende street kunt gebruiken, zodat je precies all-in gaat met je laatste bet op de river. Het hoeft niet perfect te kloppen, maar moet in de buurt komen.
Waarom werkt dit zo goed? Je strategische doel met sterke handen is de volledige stack van je tegenstander winnen. Als je op de flop te klein bet en op de turn weer te klein, kom je op de river met een awkward stack-to-pot ratio. Dan moet je kiezen tussen een vreemde overbet of waarde achterlaten.
Reken het uit voor je volgende sessie. Als je 100bb stacks hebt en de pot is 10bb na een 3-bet, hoeveel moet je dan betten om in 3 streets all-in te kunnen?
SPR maakt het verschil
Stack-to-pot ratio verandert alles aan je sizing beslissingen. In een single raised pot met 100bb stacks begin je met een hoge SPR. Je hebt ruimte om te manoeuvreren over meerdere streets. In een 3-bet pot is de SPR veel lager. Je kunt je hele stack in de pot krijgen met bets onder potgrootte, zelfs als je start met een kleine continuation bet.
Dit verklaart waarom solvers in 3-bet pots vaak kleine sizings prefereren. De pot is al opgeblazen. Je hebt geen grote bets nodig om stacks in het midden te krijgen. Dezelfde logica geldt voor 4-bet pots, waar de pot zo groot is dat een 2,2x tot 3x sizing volstaat.
Thin value op de river
De river is waar sizing fouten het duurst zijn. Je hebt een marginale hand. Twee pair op een board dat nu 4 naar een straight toont. Je denkt dat je meestal voor ligt, maar bent niet zeker. Hoe groot bet je?
De sleutel is klein blijven. Een kwart tot een derde van de pot werkt vaak het beste. Deze sizing ziet eruit als een bluf vanuit het perspectief van je tegenstander. Het nodigt calls uit van slechtere handen die een grotere bet zouden folden. En als je fout zit, verlies je minder.
In de praktijk folden spelers te veel op de river. Dit maakt thin value betten iets minder winstgevend dan de theorie suggereert. Compenseer door nog kleiner te sizeen wanneer je onzeker bent.
GTO versus exploitatief
Gebalanceerde bet sizing werkt tegen sterke tegenstanders. Ze letten op je patronen. Als je altijd groot bet met sterke handen en klein met bluffs, passen ze hun calling range aan. Tegen deze spelers wil je consistente sizings gebruiken die dezelfde hoeveelheid informatie weggeven ongeacht je hand.
Tegen zwakkere spelers geldt het omgekeerde. Ze letten niet op. Ze callen halve pot net zo makkelijk als volle pot. Waarom zou je dan klein betten met je sterke handen? Vergroot je sizing en haal maximale waarde.
Een solver gebruikt vaak 15 verschillende sizings in één spot. Je verliest weinig door dit terug te brengen naar 3 sizings. Maar je verliest wel als je altijd dezelfde grootte kiest ongeacht de situatie.
Het eindresultaat
Bet-sizing draait om aanpassing. Aan het board, aan de stack-to-pot ratio, aan je tegenstander. Er bestaat geen perfecte grootte die overal werkt. Maar er bestaat wel een perfecte grootte voor elke specifieke situatie. Vind die, en je winrate stijgt.

